Een juridische beoordeling van de ontvankelijkheid van stichtingen en verenigingen die natuur beogen te beschermen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State doet een handreiking.

Foto van mr. dr. J.G.L. van Nus | Anne © Marco Okhuizen

22 september 2020, Amsterdam | leestijd ongeveer 5 minuten
Auteurs: mr. dr. J.G.L. van Nus | Anne en mr. T.P. Tjeerdsma | Patrick


Een stikstofcrisis? Een tot op heden zeer gevoelig onderwerp. Toch schroomt de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, hierna: de Afdeling, niet om deze woorden te gebruiken tijdens de zitting in de zaak Windpark uitbreiding Delfzijl-Zuid.1 Uiteindelijk geraakt het niet tot een tweede crisis. Dat maakt deze zaak niet minder interessant. Er zijn namelijk opvallende overwegingen van de Afdeling over de ontvankelijkheid. Om een volledig beeld te geven, vangt deze blog aan met een kort feitencomplex om daarna de bijzonderheden uit te lichten. Vanwege het veelvoud van appellanten in deze zaak beperkt deze blog zich tot de Stichting Oldambt Windmolenvrij.nl, hierna: de Stichting.

Bij besluit verleent het College van Gedeputeerde Staten van Groningen, hierna: GS, op grond van artikel 2.7, tweede lid, Wet Natuurbescherming, hierna, Wnb, een vergunning om het windpark Delfzijl-Zuid uit te breiden met zestien windturbines in de gemeente Delfzijl. Verder verleent GS op basis van artikel 3.3 en 3.8 Wnb een ontheffing van de verbodsbepalingen in de artikelen 3.1 en 3.5 Wnb voor vogel- en vleermuissoorten. Tegen deze ontheffing stelt de Stichting beroep in. Verweerders stellen dat de Stichting niet-ontvankelijk is, omdat de Stichting, blijkens statuten, niet ziet op natuurwaarden en de afstand tot de windturbines te groot is voor appellanten om op te komen voor de belangen van natuurlijke personen die dus geen belanghebbende in deze zaak zouden zijn.

Nu de toegang tot de rechter een fundamenteel recht is en de ontvankelijkheid kan worden gezien als een soort hefboom die rechtsingang biedt, moet terughoudend geoordeeld waardoor appellanten het voordeel van twijfel krijgen. Om een stichting als belanghebbende aan te merken, worden de doelen uit de statuten als uitgangspunt genomen. Daaruit moet het belang blijken. Uit de statuten volgt dat het doel van de Stichting vooral ziet op het beschermen van het cultuurlandschap. Verweerders stellen dat het beschermen van natuur niet onder de paraplu van ‘cultuur’ valt. De Afdeling meent anders, in rechtsoverweging 2.8:

"Tot de centrale waarden van het cultuurlandschap worden tevens visuele aspecten als openheid, transparantie en nachtelijke duisternis, almede rust en een schoonmilieu gerekend. (…) Dat in de statuten het woord ‘’natuur’’ niet is vermeld, speelt anders dan college en de Koepel menen geen rol bij de bepaling of de stichting belanghebbende is bij het besluit in zoverre."

Dit een interessante uitspraak, want onder de paraplu van ‘cultuur’ valt ook het in acht nemen van de centrale waarden die in het algemeen worden toegekend aan het woord ‘natuur’. Een respectabele en richtinggevende overweging voor stichtingen en verenigingen die cultuur beschermen en hiermee hoogstwaarschijnlijk de centrale waarden van de natuur.

Daarnaast een klein deel van deze blog over de rol van onderzoeken in een proces. Een onderbouwing van een eigen standpunt moet met gegevens zijn omkleed. Hierbij dient de rechter rekening te houden met de rol van de burger ten opzichte van het bestuur. Het bestuur is in het algemeen financieel beter in staat deskundigen in te roepen en zijn standpunten te verdedigen ten opzichte van de burger. Dit komt naar voren in deze uitspraak, zie overwegingen 9.3.1, 10.2 en 14.2.

Het gaat in dit soort zaken, van klimaat, windenergie, zonneparken en hoogspanningsnetwerken, om specifieke vraagstukken waar veel expertise nodig is om deze op te lossen. Als burgers hun twijfels uiten over deze onderzoeken dan moeten zij dit met gegevens onderbouwen. Dit is niet meer dan logisch. Minder logisch is dat het bestuur en de rechter er vanuit gaan dat de burger dit zonder (financiële) hulp kan. Bij hulp, bij op dit moment ongelijke verhouding tussen de overheid en omwonenden, burgers, bedrijven en andere belanghebbenden, door bestuur en/of rechter kan er meer begrip en draagvlak worden gecreëerd, iets wat de politiek als leerpunt moet meenemen.

Bent u benieuwd of uw stichting/vereniging de juiste doestellingen heeft? Of heeft u hulp nodig bij het opstellen van uw statuten? Of wilt u procederen dan wel een zienswijze indienen tegen een beoogd windpark/zonnepark? DOKK Advocaten kan u hierin bijstaan dan wel adviseren.
Neemt u gerust contact met mr. dr. J.G.L. van Nus op via 020-8208310 of amsterdam@dokk.nl


1 ABRvS 29 april 2020, ECLI:NL:RVS:2020:1160.

Terug naar blogposts

Foto op IJburg Diemerpark © DOKK advocaten